Minister Koolmees heeft geantwoord op Kamervragen over het bericht van de NOS dat er veel winst is uitgekeerd bij buitenlandse moederbedrijven van bedrijven die in Nederland veel loonsteun hebben ontvangen. Daarin licht hij ook per regeling toe hoe het bonus- en dividendverbod is vormgegeven.

 

Vormgeving bonus- en dividendverbod

Op de vraag wat zijn reactie is op de berichtgeving antwoordt de minister:

 

Het primaire doel van de NOW is om zoveel mogelijk banen te behouden. In de totstandkomingen van de NOW-regelingen is telkens de afweging gemaakt hoe werkgelegenheid in Nederland het beste te beschermen. In die afweging speelt ook mee dat het onwenselijk is en onrechtvaardig voelt als bedrijven ondanks het beroep op noodsteun toch bonus en dividend uitkeren. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen is een uitkeerverbod van bonus en dividend ingevoerd voor aanvragers van de NOW. In de NOW 2 mogen aanvragers van NOW geen bonus en dividend uitkeren. Dat geldt ook voor dochters van buitenlandse concerns die NOW aanvragen en daarmee lonen in Nederland doorbetalen. Bij de NOW 1 geldt het verbod niet voor aanvragen waarbij de omzetdaling op concernniveau is berekend, omdat het verbod niet direct bij de totstandkoming van de NOW als voorwaarde is gesteld en het niet mogelijk was om dit verbod met terugwerkende kracht in te voeren. Omdat de mogelijkheid tot een aanvraag op werkmaatschappijniveau in mei 2020 is geïntroduceerd, kon vanaf NOW 2 het verbod wel geïntroduceerd worden.

Er is voor gekozen om internationale moeders niet te verbieden om bonus of dividend in een ander land uit kunnen keren als deze entiteit zelf geen NOW heeft aangevraagd. Dit is ook uiteengezet in de toelichting op de NOW 2 regeling. Enerzijds lopen we hiermee tegen de grenzen van onze jurisdictie aan, omdat deze bedrijven zich buiten onze invloedssfeer en buiten ons zicht bevinden. Anderzijds was het risico dat door deze eis Nederlandse banen verloren zouden laten gaan, te groot.

 

Voor NOW 1 geldt het volgende:

  1. a) Algemeen

Het betreft het uitkeren van dividend en bonus over 2020 waarover in de regel in de jaarvergadering van 2021 wordt beslist.

  1. b) Aanvraag op concernniveau.

In de bovenstaande alinea heb ik toegelicht waarom voor deze aanvragen het verbod niet geldt.

 

  1. c) Aanvraag op werkmaatschappijniveau.

Het bonus- en dividendverbod geldt ook voor de bedrijfsonderdelen die niet zelf aanvragen en ook voor de bedrijfsonderdelen die geen SV-loon in Nederland hebben. De gedachte hierachter is dat wanneer een werkmaatschappij NOW nodig heeft terwijl de rest van het concern nog wel goed genoeg draait, het bedrijf zelf eerst de verliezen van de werkmaatschappij(en) dient op te vangen en dus vanuit die maatschappelijke verantwoordelijkheid geen dividend uitkeert. Het bonusverbod ziet specifiek op het bestuur of de directie van de moedermaatschappij/groepshoofd en de aanvragende werkmaatschappij(en). Het inkopen van eigen aandelen is ook voor de gehele groep niet toegestaan.

 

Voor NOW2 en NOW3 geldt:

  1. a) Algemeen

Het betreft voor NOW 2 en NOW 3.1 het uitkeren van dividend en bonus over 2020 waarover in de regel in de jaarvergadering van 2021 wordt beslist. Voor NOW 3.2 en 3.3 betreft het uitkeren van dividend en bonus over 2021 waarover in de regel in de jaarvergadering van 2022 wordt beslist.

 

  1. b) Aanvraag op concernniveau.

De aanvragende entiteit keert geen bonussen uit aan de directie/ het bestuur en ook niet aan de directie/het bestuur van het concern. Het dividendverbod geldt voor aandeelhouders van de aanvragende entiteit. Ook mag de entiteit geen eigen aandelen inkopen. Als een Nederlands bedrijf onderdeel uitmaakt van een (buitenlands) concern mag er ook geen bonus of dividend aan het moederbedrijf worden uitgekeerd. Voor bedrijfsonderdelen die zelf geen NOWsubsidie aanvragen geldt het verbod niet, ook niet voor een (buitenlandse) moeder die geen aanvraag doet (omdat ze bijvoorbeeld geen Nederlands SVloon hebben).

 

  1. c) Aanvraag op werkmaatschappijniveau.

Idem aan NOW 1.